2017

Voeg toe aan mijn verslag Toevoegen aan mijn verslag

11 Kortlopende schulden

11.1 Schulden aan kredietinstellingen en overheid
 

2017

2016

kortlopende deel van de langlopende schulden

3.617

3.407

overige schulden aan overheid

37

519

totaal schulden aan overheid

3.654

3.926

   
 

2017

2016

kortlopende deel van de langlopende schulden

52.576

52.234

overige schulden aan kredietinstellingen

24.835

7.896

totaal

77.411

60.130

11.2 Schulden aan leveranciers
 

2017

2016

schulden aan leveranciers

13.081

14.862

11.3 Onderhanden projecten 
 

2017

2016

gefactureerde termijnen

20.116

29.952

af: kostprijs onderhanden koopprojecten verkochte woningen

-13.870

-22.802

totaal

6.246

7.150

   
 

2017

2016

debetstand onderhanden projecten

0

-239

creditstand onderhanden projecten

6.246

7.389

totaal

6.246

7.150

Afhankelijk van de stand van de uitvoering van het werk wordt deze post als actief dan wel passief verantwoord.

11.4 Belastingen en premies sociale verzekeringen
 

2017

2016

omzetbelasting

2.023

2.575

vpb

36

0

loonheffing en premies sociale verzekeringen

1.377

1.467

totaal

3.437

4.042

11.5 Overige schulden
 

2017

2016

uitbetaling netto lonen

4

11

11.6 Overlopende passiva
 

2017

2016

niet vervallen rente

26.113

27.154

vooruit ontvangen huur

7.566

7.645

nog te verrekenen servicekosten

5.754

5.206

overige overlopende passiva

61.227

27.351

totaal overlopende passiva

100.660

67.356

   
   

overige overlopende passiva

2017

2016

nog niet gefactureerde prestaties lopende projecten

12.203

9.351

nog niet gefactureerde prestaties onderhoud

14.181

9.091

nog niet gefactureerde prestaties apparaatskosten

328

1.799

nog niet gefactureerde prestaties externen

1.026

167

overige overlopende passiva

3.875

6.943

nog te besteden investeringssubsidies

29.614

0

totaal

61.227

27.351

Niet in de balans opgenomen rechten en verplichtingen

Aangegane verplichtingen

De aangegane verplichtingen voor de in uitvoering zijnde projecten bedragen ultimo boekjaar € 52,3 miljoen (2016: € 50,3 miljoen). Deze verplichtingen bestaan uit de geraamde projectkosten en verplichtingen vanuit (planmatig) onderhoud, onder aftrek van de te ontvangen subsidies en tot en met de balansdatum bestede bedragen.

Obligo ten behoeve van Waarborgfonds Sociale Woningbouw

Ten behoeve van het Waarborgfonds Sociale Woningbouw (WSW) moet een obligo aangehouden worden voor leningen die door het WSW geborgd zijn. Invordering van het obligo kan alleen plaatsvinden wanneer het risicovermogen van het WSW daalt als gevolg van aanspraken (van geldgevers) onder het garantieniveau van 0,25% van de door het WSW geborgde schuldrestanten. Het obligo ultimo boekjaar bedraagt € 58,6 miljoen (2016: € 58,8 miljoen). Deze afname van het obligo wordt verklaard door de afname van de geborgde leningportefeuille.

Faciliteiten en zekerheden

Woonstad Rotterdam beschikt bij de BNG over een kredietfaciliteit van € 50,0 miljoen. Daarnaast heeft Woonstad Rotterdam nog een door het WSW geborgde roll-over kredietfaciliteit van € 35,0 miljoen, waarvan een bedrag van minimaal € 7,0 miljoen moet worden opgenomen. Ultimo boekjaar is € 25,0 miljoen opgenomen.

Aansprakelijkheid bij een fiscale eenheid

Woonstad Rotterdam vormt met de deelnemingen Woonstad Holding BV, Woonstad Warmte BV, Woonstad Vastgoed BV, dNU Deelnemingen 1 BV en Kennis & Energie BV een fiscale eenheid voor de Vennootschapsbelasting. DNU Deelnemingen 1 BV is ultimo 2017 geliquideerd.

Met de deelnemingen Woonstad Holding BV, Woonstad Warmte BV, Woonstad Vastgoed BV, dNU Deelnemingen 1 BV en Kennis & Energie vormt Woonstad Rotterdam een fiscale eenheid voor de Omzetbelasting. DNU Deelnemingen 1 BV is ultimo 2017 geliquideerd.

Op grond van de standaardvoorwaarden zijn Woonstad Rotterdam en de met haar gevoegde dochteronderneming elk hoofdelijk aansprakelijk voor de ter zake door de combinatie verschuldigde belasting.

Huurverplichtingen panden

Diverse kantoorpanden en opslagruimten zijn voor een langere periode gehuurd. De looptijden van de contracten en de daarmee gemoeide jaarlijkse bedragen zijn in de volgende tabel gespecificeerd.

jaar

verplichting

 

2018

435

 

2019

315

 

2020

42

 

2021

0

 

Lease- en huurverplichtingen

Aangegane verplichtingen vanuit lease en huur leiden tot een jaarlijkse exploitatielast voor het wagenpark. Hierbij is er sprake van verschillende looptijden van de contracten en neemt de verplichting van de lopende contracten geleidelijk af.

jaar

jaarbedrag

 

2018

245

 

2019

171

 

2020

119

 

2021

85

 

2022

10

 

Aangegane verplichtingen vanuit lease en huur leiden tot een jaarlijkse exploitatielast van kantoormachines. Hierbij is er sprake van verschillende looptijden van de contracten. De exploitatielast bedraagt circa € 0,04 miljoen.

MVE onderhoud

Bij verkoop onder MVE voorwaarden heeft Woonstad Rotterdam zich verplicht voor eigen rekening en risico het planmatig onderhoud uit te voeren. Met de kopers van woningen in een MVE constructie heeft Woonstad Rotterdam een onderhoudscontract, waarvoor de MVE eigenaar maandelijks een vast bedrag betaalt aan Woonstad Rotterdam.

MVE-D

In 2014 is MVE-D geïntroduceerd. MVE-D kent geen terugkoopverplichting. Conform MVE-C en MVE-A maakt de onderhoudsconstructie wel deel uit van MVE-D. Met de introductie van MVE-D is de terugkoopverplichting bij nieuwe verkopen vanaf oktober 2014 volledig afgeschaft bij Woonstad Rotterdam. Totaal zijn er 520 MVE-D woningen verkocht sinds de invoeren van de MVE-D label.

Overige bankgaranties

Woonstad Rotterdam heeft eind 2017 drie bankgaranties afgegeven, totaal € 0,7 miljoen (LD1726100001, LD1727000001 en LD1726400001).

Gebeurtenissen na balansdatum

Er zijn geen gebeurtenissen na de balansdatum die effect hebben op het verslagjaar 2017.